We gaan uit van een situatie met twee stelsels, O en O′, die relatief tot elkaar in de x-richting bewegen. Het moment t=t′=0 is het moment dat ze bij elkaar zijn. Verder is er een event met coördinaat (xr,ctr). Ons doel is een functie te vinden om (xr′,ctr′) uit te drukken in (x,ctr).
Stelsel O zendt een lichtsignaal uit in de x-richting. Op t=tr ontvangt en reflecteert het event het licht.
Er geldt dan dat O het licht uitzendt en ontvangt op te=tr−cxr⟺cte=ctr−xr en td=tr+cxr⟺ctd=ctr+xr. Vergelijkbaar komt het licht langs O′ op ctr′−xr′ en ctr′+xr′.
Het ruimte-tijd-diagram van O ziet er zo uit:
En het ruimte-tijd-diagram van O′ ziet er zo uit:
Met de functie k(β) van de vorige keren krijgen we de volgende vergelijkingen:
ctr′−xr′=k(β)(ctr−xr)
ctr′+xr′=k(β)1(ctr+xr)
Uit deze twee vergelijkingen volgen:
ctr′=γ(ctr−βxr)
xr′=γ(xr−βctr)
En omdat de twee stelsels relatief tot elkaar bewegen in de x-richting, geldt dat yr′=yr en zr′=zr.
Conclusie
Voor een event met coördinaat r=(x,y,z) en een tijd ct, geldt dat een ander stelsel dat met constante snelheid v beweegt in de x-richting het event meet als: